Deel dit bericht via:

07-03-2021

Marie

61 jaar vrijwilliger, Tele-Onthaal Vlaams-Brabant en Brussel


‘Mevrouw, luister naar me, mijn leven is in vrije val, ik houd dit niet vol, ik ben op, help me, alstublieft, beloof me dat u me vasthoudt, heel even maar, echt waar, mag mijn hoofd tegen uw schouder rusten, vindt u dat erg, mevrouw, vindt u het eng dat ik dit vraag, luister: ik heb niemand, niemand heeft mij lief, u bent in vier dagen de eerste mens die tegen me spreekt, de éérste … het is geen leven meer, snapt u dat ik er niet meer wil zijn, mevrouw? Niemand kan zonder iemand!’

Een jaar en twee lockdowns verder herbeluister ik de soundtrack met corona als leidmotief. Een soundtrack met talloze gesprekken die zich zowel bij dag- als bij maanlicht nestelden in de ruimte tussen mijn twee oren.

Vanuit verbondenheid met de eigen binnenkant de andere beluisteren met de blik op oneindig en het oor in het hier-en-nu om onbevooroordeeld nood, twijfel, angst, frustratie en kwetsbaarheid toe te laten en over de ‘spreekdrempel’ heen te helpen: het is in een notendop mijn eerste streven als vrijwilliger bij Tele-Onthaal.

De behoefte aan een warme lijn, aan een onvoorwaardelijk onthaal en een verzekerde bereikbaarheid vormde het afgelopen jaar – in de eerste lockdown meer uitgesproken dan in de tweede – haast een hulpvraag op zich.

Op verhaal kunnen komen wetende dat er aan de andere kant iemand is die je aanhoort vanuit onverstoorbare aandacht, onpartijdige betrokkenheid en ononderbroken focus … velen hunkerden naar deze ogenschijnlijk eenvoudige geruststelling.

Hoewel ik altijd doorvroeg naar sluimerend leed of acute zorgen, merkte ik dat de ‘bespreekbaarheid’ hiervan even ‘on hold’ werd gezet. Gesprekken spitsten zich veeleer toe op de ‘eerste hulp bij virale dreiging’: kwesties als zelfbehoud, symptoomherkenning, raadpleging van artsen en toegang tot hulp- en zorgverleners bleken prioritair.

Mensen belden of chatten omdat ze zich gedesoriënteerd voelden, overweldigd of verward door de veelheid aan nieuwe sociale gedragscodes en preventiemaatregelen. De meesten begrepen wel dat het ‘Blijf in uw kot!’- devies van Maggie De Block zowel de persoonlijke als de algemene veiligheid diende, maar de schokgolf van een pandemie zorgde tegelijk voor een toenemend (soms irrationeel) onveiligheidsgevoel, een doorgeschoten besmettingsvrees en soms regelrechte paniek

Zoheb ik dezelfde man meermaals te woord gestaan, omdat hij maar bleef worstelen met hygiëne-dilemma’s:

‘Ik heb daarnet verpakte koekjes gekocht in de Aldi. Iedereen kan die verpakking toch aangeraakt hebben, is dat niet zo, dus is mijn vraag nu of ik die koekjes wel durf opeten?’ Hoewel ik hem op het hart drukte dat de koekjes ‘veilig’ waren omdat ze nog eens apart in mini-verpakkingen zaten, bleef zijn argwaan hem plagen.

Als zelfs veerkrachtige mensen me soms belden vanuit hun auto of vanachter hun pc om te ventileren hoezeer ze de rollercoaster van versoepelingen en verstrengingen beu waren, hoezeer de bubbel- obsessie hun werkelijkheidsbeleving verkilde en versmalde, zodanig dat ze er prikkelbaar en moedeloos van werden …

Maar wat gedaan, bedacht ik vaak, als je een werkloze vader bent van drie kinderen en je vrouw raakt maar niet af van de pillen en de drank, wat als je als losgeslagen puber in een problematische gezinssituatie niet langer terecht kan op school bij je vrienden omdat leren vanaf nu ook online moet kunnen, wat als je als hoogbejaarde diabetespatiënt in een oud en weinig comfortabel flatje woont en nog amper in aanraking komt met zorgende handen en vriendelijke ogen? Niemand kan zonder iemand!

Naarmate er tijdens de tweede lockdown meer ‘gewenning’ optrad aan de alomtegenwoordigheid van onze onzichtbare vijand, naarmate mensen stilaan vertrouwd raakten met het (samen)leven in een ‘gecoroniseerde’ wereld, des te vanzelfsprekender ze de verhaaldraden weer oppikten, verbonden met de concrete impact van de coronacrisis op hun levenskwaliteit.

De aangerichte schade tussentijds te mogen inventariseren, inclusief het verdriet om verlieservaringen of de wanhoop door gebrek aan perspectieven … voor sommigen werkte het louterend.

Ten slotte heb ik in het afgelopen jaar meer dan ooit begrepen dat er in crisisgesprekken bij de oproeper soms een enorm verlangen leeft naar stilte, ademruimte. Ik beleefde het als een verdieping van mijn engagement om dan terug te wijken, te zwijgen en te wachten.

Tot er tranen komen, of woede en dan, misschien, wel weer woorden. Want niemand kan zonder taal.


*Om de anonimiteit van oproeper én vrijwilliger te bewaren, werden alle herkenbare of gevoelige gegevens in deze getuigenis weggelaten, aangepast of veranderd. Elke gelijkenis met bestaande personen of gebeurtenissen berust op louter toeval.
>