Deel dit bericht via:

05-03-2021

Walter

12 jaar vrijwilliger, 74 jaar, Tele-Onthaal Antwerpen


Op dienst gaan naar Tele-Onthaal is vandaag niet zo evident omwille van het risico op besmetting. Zelf behoor ik tot een risicogroep. Maar ik merk dat op dienst iedereen de opgelegde veiligheidsrichtlijnen respecteert. Naar de supermarkt gaan of wandelpaden delen met bezwete joggers en fietsers,lijkt me minstens even risicovol. Ik ben blijven op dienst gaan vanuit een solidariteitsgevoel met zowelmijn collega-vrijwilliger als met de oproepers.

Ik ervaar een zekere evolutie bij de oproepers sedert het uitbreken van de corona-epidemie. Bij de aanvang in maart 2020 gingen bijna alle binnenkomende oproepen over het virus.Mensen wisten niet wat hen plots overkwam. Er heerste grote verbijstering en onzekerheid.

Op de meeste van hun vragen wist ik geen antwoord.Maar men ging er echteralgemeen van uit, dat we na verloop van tijd, weer naar het oude normaal zouden terugkeren.

Maar wie met eenzaamheid kampte ging er snel onderdoor. Luisteren en moed inspreken om vol te houden, dat was wat ik deed. Er kwamenversoepelingen, die achteraf voorbarig bleken en teruggeschroefd moesten worden. Grote teleurstelling bij de meeste mensen.

De tweede golf klonk pijnlijker dan de eerste. Ik hoorde geregeld wanhoopskreten.

Er was nood aan menselijke contacten tussen jong en oud en tussen leeftijdsgenoten onderling.

Ik hoorde spanningen binnen relaties,soms met geweld. Wie het niet meer zag zitten, sprak over donkere gedachten en zelfs zelfdoding. Dat laatste misschien niet meer dan zonder covid 19.

Vanaf de jaarwisseling stoot ik bij de oproepers heel vaak op moedeloosheid en gelatenheid. Dat raakt mij nog het meest in heel het parcours dat we aflegden.

Opgeven omdat men geen perspectief ziet. Alles laten schieten. Waar moet dat in onze samenleving toe leiden? Zelf ken ik dat gevoelen nauwelijks, maar ik wuif het niet weg bij anderen.

Als het in een gesprek lukt, peil ik dieper bij de oproeper en stel de vraag, wat hem ondanks alles recht houdt of waarin hij gelooft of misschien alleen maar op hoopt.

Bij velen stel ik dan een innerlijke, onuitgesproken kracht vast.

Zo kom ik bij wat Tele-Onthaaldoet, altijd maar zeker in deze coronatijd.

Luisteren geeft erkenning. Het is hoopvol als mensen hun gevoelens kunnen delen en hun nood durven uitpreken. Een oproeper weet ook wel dat we behalve luisteren, niet veel kunnen doen. Maar hij put uit een gesprek mogelijk wat rust, die hem weer hem optilt tot zichzelf.

Tenslotte, mijn engagement bij Tele-Onthaal doet ook iets met mijzelf. Het is vandaag eigenlijk wel niet anders dan vroeger.Ik zie hoe mensen zijn en hoe verrassend open zij over hun zorgen communiceren aan de telefoon.

Een gesprek is vaak een stukje zelfontdekking voor hen en voor mij een reflectie op wat zij zeggen. Ik neem een oproeper bij wijze van spreken vaak een tijdje met mij mee.


*Om de anonimiteit van oproeper én vrijwilliger te bewaren, werden alle herkenbare of gevoelige gegevens in deze getuigenis weggelaten, aangepast of veranderd. Elke gelijkenis met bestaande personen of gebeurtenissen berust op louter toeval.
>